Bezoldigingen van werknemers zijn alle beloningen die voor de werknemer de opbrengst zijn van arbeid in dienst van de werkgever en bevatten onder andere de wedden, voordelen van alle aard en vergoedingen verkregen naar aanleiding van het stopzetten van de arbeid of het beëindigen van de overeenkomst.
Een bezoldiging ontvangen door een niet-inwoner is een België slechts belastbaar op voorwaarde dat, deze inkomsten in België verkregen of behaald zijn en onderworpen zijn aan de belastingen.
Bezoldigingen van personeelsleden zijn alle beloningen toegekend door een werkgever aan zijn werknemer, met uitzondering van de kosten eigen aan de werkgever. Bezoldigingen vormen een aftrekbare kost in het kader van de inkomstenbelastingen.
Bezoldigingen zijn, ongeacht de benaming ervan en de wijze waarop ze worden vastgesteld of toegekend, de bezoldigingen van werknemers, de bezoldigingen van bedrijfsleiders en bezoldigingen aan meewerkende echtgenoten.
In het kader van de gemeentebelasting kan schriftelijk bezwaar aangetekend worden door een belastingschuldige, diens vertegenwoordiger of een derde bij het college van burgemeester en schepenen, waarbij deze belastingschuldige de redenen opgeeft waarom hij de belastingschuld betwist.
Een belastingschuldige, diens vertegenwoordiger of een derde kan tegen een aanslag in het kader van de inkomstenbelasting schriftelijk bezwaar aantekenen bij de bevoegde directeur der belastingen, waarbij deze belastingschuldige de redenen opgeeft waarom hij de belastingschuld betwist.
Bezwaar tegen het kadastraal inkomen kan worden aangetekend door de belastingplichtige, binnen de twee maand na betekening van het kadastraal inkomen, door middel van eenaangetekende brief, waarmee hij de ambtenaar belast met de controle van het kadaster (waar het onroerend goed is gelegen) met vermelding van het inkomen ter kennis brengt van het niet aanvaarden van het door de administratie vastgestelde KI.
Het bezwaarschrift in de inkomstenbelasting dient binnen de zes maanden na ontvangst van het aanslagbiljet (in ieder geval vanaf derde werkdag na de dag van verzending) te worden ingediend bij de administratie.
Reproductierechten zijn rechten waarop een uitgever of auteur recht heeft, telkens hun werk wordt gereproduceerd (verspreid), behoudens uitzonderingen en geven de houders van het auteursrecht de kans het verspreiden tegen te gaan. Een evenredige vergoeding is verschuldigd per kopie van een auteursrechtelijk beschermd werk en ze is verschuldigd op het tijdstip waarop de kopie wordt gemaakt. De hoogte van de evenredige vergoeding varieert naargelang de vergoedingsplichtige meewerkte aan de inning van de vergoeding door de beheersvennotoschap en naargelang de categorie van vergoedingsplichtigen. Voor 2015 zullen bibliotheken bij medewerking 0,0151 euro moeten betalen per kopie van een beschermd werk. Bij geen medewerking zal de vergoeding 0,0251 euro per kopie van een beschermd werk bedragen. Voor kleurenkopieën van beschermde werken in kleur moeten de bedragen worden verdubbeld.
De bijdragen voor bedrijfsgroeperingen zijn de bijdragen betaald aan een vereniging van personen die de de belangenbehartiging van hun leden tot doel hebben. De bijdragen voor bedrijfsgroeperingen zijn aftrekbaar als beroepskost, tenzij ze betaald worden door gepensioneerden en rechthebbenden op een vervangingsinkomen.
De bijlagen bij de aangifte zijn alle bijlagen toegevoegd aan de aangifte door de belastingplichtige. Deze toevoeging is wettelijk verplicht voor de bescheiden, opgaven en inlichtingen waarvan de overlegging in het formulier wordt gevraagd. De bijlagen vormen een integrerend deel van de aangifte.
De jaarrekening, die de basis is van de aangifte in de vennootschapsbelasting en er deel van uit maak, verbindt de belastingplichtige en is derhalve bindend. Gelet op het bindend karakter van de jaarrekening kan een belastingplichtige slechts in welbepaalde gevallen een correctie doorvoeren op de goedgekeurde jaarrekening (namelijk bij een materiële vergissing, dwaling).
De bindende tariefinlichting is een methode voor het bepalen van het douanetarief op ingevoerde goederen, waarbij aan de douane gevraagd wordt welk tarief (goederencode) van toepassing is. De inlichting is bovendien geldig voor 6 jaar.
Vanaf het ogenblik dat goederen worden binnengebracht in de Europese Unie worden deze onderworpen aan douanetoezicht en dienen de goederen naar een douanekantoor te worden gebracht, waardoor douanerechten zullen worden geheven.
Er is sprake van binnenlandse handelingen in het kader van de btw als het gaat om belastbare leveringen van goederen of diensten, invoer van goederen in België en intracommunautaire verwerving van goederen.
De levering van een binnenschip is vrijgesteld van btw indien deze bestemd is voor de binnenlandse commerciële vaart. Bovendien geldt er een vrijstelling in de inkomstenbelasting voor meerwaarden gerealiseerd op binnenschepen als de meerwaarden worden herbelegd. Binnenschepen die bestemd zijn voor de commerciële vaart kunnen omschreven worden als alle vaartuigen die worden aangewend voor goederen- of personenvervoer en alle vaartuigen die worden aangewend voor het duwen van binnenvaartuigen.
Het OESO-model bevat een bepaling die de belastbaarheid van winsten uit de exploitatie van schepen lokaliseert in de Staat van werkelijke leiding van de onderneming, of indien de plaats van werkelijke leiding aan boord van het schip gelegen is, de Staat waar het schip zijn thuishaven heeft of indien er geen thuishaven is, de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is.
Een geregistreerd kassasysteem (black box) is het elektronische kasregister, de terminal met kassasoftware, de computer met kassasoftware of gelijk welk ander gelijkaardig apparaat, dat gebruikt wordt voor de registratie van uitgaande handelingen. De exploitant van een inrichting waar regelmatig maaltijden worden verbruikt alsmede de traiteur die regelmatig cateringdiensten verricht, zijn sinds 2015 verplicht het kasticket uit te reiken aan de klanten via dit geregistreerd kassasysteem.
Elke belastingplichtige onderworpen aan de inkomstenbelasting is verplicht – behoudens zij door het gerecht in beslag zijn genomen of behoudens afwijkingen toegestaan door de administratie – de boeken en bescheiden (kasboeken, facturen, financiële dagboeken, tickets,…) ter beschikking te houden van de aministratie. De bewaarplicht in de inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting en rechtspersonenbelasting geldt tot het zevende jaar of boekjaar volgend op het belastbaar tijdperk. Een gelijklopende bepaling bestaat in het Wetboek BTW, dat stelt (kopieën van) facturen te bewaren gedurende zeven jaar te rekenen vanaf 1 januari van het jaar volgend op de datum van uitreiking. De bewaarplicht voor Gewestelijke belastingen (onroerende voorheffing, verkeersbelasting, leegstandsheffing, verkrottingsheffing, …) is echter gekoppeld aan de aanslagtermijnen.
Een belastingplichtige onderworpen aan inkomstenbelasting is verplicht de administratie, op haar verzoek alle boeken en bescheiden voor te leggen die noodzakelijk zijn om het bedrag van zijn belastbare inkomsten te bepalen. Deze verplichting tot voorleggen strekt zich uit voor rijksinwoners tot de boeken en bescheiden van bankrekeningen en levensverzekeringsovereenkomsten en strekt zich uit voor vennootschappen, tot de registers van de aandelen en obligaties op naam, alsmede tot de presentielijsten van de algemene vergaderingen.
Een boekencheque is een voordeel van de werkgever aan zijn werknemer, die in hoofde van de werkgever aftrekbaar is en in hoofde van de werknemer niet belastbaar als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.
Een boekhouding, aangepast aan de omvang van de activiteiten van de onderneming, moet door de belastingplichtigen worden gevoerd om de btw te kunnen toepassen en controleren. Deze boekhouding omvat inzonderheid een boek voor inkomende facturen, een boek voor uitgaande facturen en een dagboek per bedrijfszetel.
De boekhouding is een informatiesysteem dat een onderneming moet hebben om zo de economische en juridische gegevens van het bedrijf te registreren en te analyseren.
Boekhoudverplichtigen zijn verplichtingen opgelegd door de administratie. Deze boekhoudverplichtingen zijn de verplichtingen opgelegd aan leveranciers van goederen of diensten om een factuur uit te reiken aan de medecontractant, de verplichtigingen opgelegd aan belastingplichtigen om inkomende facturen en stukken in te schrijven, de verplichting om bij het houden van losse bladen deze te nummeren, de verplichtingen opgelegd aan de vrije beroepers in verband met hun ontvangstbewijsboekjes en de verplichtingen tot het bewaren van de boeken en het meedelen van deze boeken op aanvraag.
Om het netto-inkomen vast te stellen kunnen beroepskosten worden afgetrokken. Geldboeten, met inbegrip van transactionele geldboeten, verbeurdverklaringen en straffen van alle aard, zelfs indien die geldboeten of straffen worden opgelopen door een persoon die van de belastingplichtige bezoldigingen ontvangt, worden niet aangemerkt als beroepskost en kunnen dus niet worden afgetrokken.
Het Wetboek Inkomstenbelasting stelt dat de door de gewestelijk directeur gemachtigde ambtenaar een geldboete kan opleggen van €50 tot €1.250 (nog te indexeren) voor iedere overtreding van de bepalingen van het wetboek, eveneens van de ter uitvoering ervan genomen besluiten.
De fiscale boeten in de successierechten zijn onder andere de boeten wegens het te laat inleveren van de aangifte, boeten voor personen die de waarde van hun goederen te laag schatten, boeten voor erfgenamen die vergeten bepaalde goederen aan te geven, maar ook correctionele straffen, zijnde boeten voor personen die met bedrieglijk opzet de bepalingen van het wetboek of de uitvoeringsbesluiten overtreden en boeten opgelegd aan uitoefenaars van bepaalde specifieke beroepen (belastingadviseurs, zaakbezorgers…) die worden veroordeeld wegens het begaan van bepaalde misdrijven.
Boeten opgelegd door de fiscale administratie kunnen ook genieten van de waarborgen uit het strafrecht zoals bijvoorbeeld het recht op een onpartijdige behandeling van de zaak, recht op uitstel en opschorting, enz.
De boni toegekend in het kader van een obligatiefonds worden aanzien als interest als meer dan 25% van het vermogen is belegd in schuldvorderingen en dienen als grondslag van de roerende voorheffing. Deze boni kunnen bestaan uit een liquidatieboni of een inkoopboni (inkoop eigen aandelen), maar zijn slechts belastbaar als ze betrekking hebben op rechten van deelneming waar geen uitkering voor de netto-opbrengst is voorzien.
Indien een persoon in de personenbelasting voorafbetalingen verricht, kan dit aanleiding geven tot een belastingvermindering of bonificatie. De grootte van deze bonificatie is afhankelijk van het tijdstip van de gedane voorafbetalingen en wordt per kwartaal beoordeeld.
Bonusaandelen zijn nieuwe aandelen die een vennootschap aan haar aandeelhouders uitreikt naar aanleiding van een overbrenging naar het kapitaal van niet als dividenden toegekende winst of van de opneming van reserves in het kapitaal. Ze worden niet aanzien als belastbare dividenden.
De administratie kan onder andere een zakelijke zekerheid of een persoonlijke borgstelling eisen van elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die onderworpen is aan de onroerende voorheffing, de verkeersbelasting of de erfbelasting, als de venale waarde van zijn goederen in België, die het pand van het Vlaamse Gewest vormen, na aftrek van de schulden en lasten die ze bezwaren, ontoereikend is om het bedrag te dekken dat vermoedelijk voor één jaar verschuldigd zal zijn.
De brandstof die wordt gebruikt in het kader van het beroepsmatig gebruik van personenauto’s, auto’s voor dubbel gebruik en minibussen is een aftrekbare beroepskost voor 75% in hoofde van de belastingplichtige.
Een bronheffing is een heffing van een belasting aan de bron, wat betekent dat de belasting wordt ingehouden op het moment dat bepaalde inkomsten (loon, rente, dividend) betaalbaar worden gesteld. In principe kan ze verrekend worden met de uiteindelijk te betalen belasting.